Geïnfecteerd weefsel Controleer zorgvuldig op mogelijke tekenen van infectie

Ondanks toegenomen bewustzijn van de noodzaak infectie te voorkomen, zijn chirurgische en traumatische wondinfecties nog steeds verantwoordelijk voor veel lijden door patiënten, extra kosten en langer verblijf.

Infectiebronnen

Infectiebronnen zijn endogeen, wanneer de eigen bacteriële flora van de patiënt de gastheer overweldigt, of exogeen, wanneer het infecterende organisme wordt verkregen van een bron buiten de patiënt. Kruisinfectie of het overbrengen van het infecterende organisme van personeel, andere patiënten of verontreinigende apparatuur, is verantwoordelijk voor exogene of nosocomiale infectie.

Resistentie tegen infectie

Resistentie van de gastheer is de belangrijkste factor. Wanneer de resistentie voldoende is, kan zich kolonisatie, of groei van organismen in de wond, voordoen zonder weefselrespons. Hoe hoger het aantal organismen, des te waarschijnlijker zal zich een infectie ontwikkelen; het vermogen van de gastheer de aanval af te slaan speelt echter een rol of kolonisatie zich ontwikkelt tot een infectie.

Sommige groepen patiënten zijn minder in staat een afweer op te bouwen tegen de dreiging van infectie en lopen meer risico. De ouderen, bij wie de weerstand is verminderd en patiënten met bepaalde voedings- en metabolische toestanden lopen een zeer hoog risico. Diabetes, chronische ontstekingsdarmziekte en anemie zullen bijvoorbeeld allemaal het risico van wondinfectie verhogen.

Controleren op infectie

Acute wonden, met name chirurgische wonden, moeten zorgvuldig worden gecontroleerd op tekenen van infectie. Wanneer er een ernstige ontsteking, roodheid of enige etterige afscheiding is, wordt een kweek gemaakt en wordt begonnen met de juiste antibiotica.

Alle chronische wonden worden gezien als verontreinigd, wanneer er zoveel organismen aanwezig zijn. De wond is alleen geïnfecteerd wanneer er echte aanwijzingen van infectie aanwezig zijn. De 'IFEE'-formule is een herinnering dat infectie wordt geïndiceerd door induratie, koorts, erytheem en oedeem. Een verhoogde witte-bloedceltelling (leukocytose) kan ook aangeven dat er een infectie aanwezig is.

Wanneer deze tekenen aanwezig zijn dienen er kweken te worden gemaakt. Een standaard beeld zou zijn een incisie of wond die ontstoken, pijnlijk en gevoelig is met bijbehorende koorts en leukocytose.

Preventie is het sleutelwoord

Preventie van infectie is een sleutelelement bij wondverzorging. Goede aseptische techniek, specifiek handen wassen, is de basis voor het voorkomen van infectie. Voor chirurgische wonden is een strikte steriele techniek vereist. Voor chronische wonden, daar verontreiniging aanwezig is, is een schone, of 'niet aanraken' techniek acceptabel.

Onze producten

SILVERCEL™ Non-Adherent hydro-alginaatverband

SILVERCEL™ Non-Adherent verband bestaat uit een binnenlaag van zilverhydro-alginaat met een unieke, niet-verklevende buitenlaag om infectie in wonden onder controle te houden door een doorlopende afgifte van zilverionen en het minimaliseren van trauma door gemakkelijke verwijdering tijdens het vervangen van verband.

ACTISORB™ Silver 220 Verband met geactiveerde koolstof

ACTISORB™ Silver 220 Verband met geactiveerde koolstof met zilver is een verband dat is samengesteld uit zuivere met zilver geïmpregneerde geactiveerde koolstof. Vermindert de bacteriële kolonisatie van de wond en remt infectie.

INADINE™ Povidonjood
Niet-verklevend verband

INADINE™ verband is ontworpen ter bescherming van de wond, zelfs wanneer hij is geïnfecteerd. INADINE™ verband is geïndiceerd voor het behandelen van ulceratieve wonden en kan ook worden gebruikt voor het voorkomen van infectie bij kleine brandwonden en kleine traumatische verwondingen met huidverlies.

SILVERCEL™ Antimicrobieel alginaatverband

SILVERCEL™ Antimicrobieel alginaatverband is een effectieve barrière tegen bacteriële penetratie en werkt goed tegen een groot aantal micro-organismen. De barrièrefuncties van het verband helpen de infectie te verminderen in matig tot zwaar exsuderende partiële en volledige-diktewonden.